Als je stamboomonderzoek in Zuid-Limburg doet, is het haast onvermijdelijk dat je familieleden gaat tegenkomen die veroordeeld zijn als Bokkenrijder, of nauwe connecties met veroordeelde Bokkenrijders hebben. Tijdens het uitpluizen van de familiegeschiedenis aan moeders kant dook opeens de naam Antoon Bosch op als doopgetuige. Antoon Bosch was een herbergier en glazenzetter. Bijgenaamd de Glaeser uit Heek, wordt hij gezien als een van de bendeleiders van de Bokkenrijders. Hij wordt gedoopt op 1 april 1709 in Voerendaal als zoon van Anton en Elisabeth Schepers. Hij vestigt zich later op de Heek, tussen Klimmen en Valkenburg. Op 13 november 1734 trouwt hij met Anna Catharina Kerckherderen, gedoopt op 14 mei 1706 in Hulsberg en dochter van Joannes Kerckherderen. Als moeder wordt in haar doopakte Joanna Timmers genoemd, wat niet kan kloppen, aangezien Joanna Timmers in 1703 al is overleden. Vermoedelijk is haar moeder Margaretha Spee, Joannes’ tweede vrouw. Het echtpaar Bosch-Kerckherderen krijgt een zoon en vier dochters. Gertrudis Bosch, het vierde kind, wordt later ook opgepakt en veroordeeld voor overvallen van de Bokkenrijders waar zij, verkleed in mannenkleren, aan zou hebben deelgenomen. Peter Broun (Bruijn) uit Heerlen is tijdens zijn scherp verhoor op 18 juni 1773 de eerste die Antoon ervan beschuldigt bokkenrijder te zijn. Als justitie hem wil laten aanhouden, is Antoon spoorloos verdwenen. Zijn vrouw verklaart dat hij vertrokken is naar Oostindië voor de kamer van de V.O.C. in Middelburg. Dochter Geertruid vertelt dat advocaat Pelt loslippig geweest zou zijn en dat Antoons schoonzoon Joannes Bude haar vader tegen diens zin meegenomen had naar Hulsberg en dat een neef Dieudonné hem daarna te paard naar Maastricht heeft gebracht, van waaruit ze een paar dagen later weer naar een onbekende plaats zijn gegaan. Anton wordt ervan beticht een van de bendeleiders te zijn in Staats-Valkenburg: “Door vele van zijn naburen tot de godloze bende te verleiden en vervoeren, door handgeld of vrij teren en smullen te geven en daarna derselven door het afleggen van de bij hun bende gewoonlijk gruwel-eed mede in de benden te incorpereren…” Bij vele overvallen zou hij leiding hebben gegeven. In een lijst die het Hooggerecht van Valkenburg eind 1774 opstelt worden 25 gevangenen genoemd die hem beschuldigen, (bijna) allen onder tortuur en dan is er sprake van betrokkenheid bij 23 misdrijven. Ook daarna valt zijn naam nog regelmatig tot in 1777 de processen stoppen. Ook Antoons vrouw en dochter werden gearresteerd en opgesloten. Catharina was redelijk snel weer op vrije voeten, mogelijk vanwege haar gegoede afkomst. Haar opa was namelijk schepen in Wijnandsrade. Dochter Geertruid is nog lang opgesloten gebleven. Antoon werd bij verstek verbannen op 16 februari 1775, er is nooit meer iets van hem vernomen. Catharina Kerckherderen overleed op 6 december 1781 in Hulsberg. De link naar mijn moeders familie ligt aan de kant van deze Catharina Kerckherderen; haar overgrootouders zijn ook directe voorouders van mijn moeder en dus ook van mij.
Tijdens eerder speurwerk naar personen met de achternaam Bonten kwam ik ook al eens een familie Bonten tegen die begin 17e eeuw in Gulpen woonde. Een van de dochters uit dat gezin, Agnes Bonten, geboren op 13 februari 1624, trouwde rond 1650 met een Michel Kevers in Simpelveld. Deze Michel stierf op jonge leeftijd, waarna Agnes hertrouwde met Stephan Pelsers. Zij trouwde in 1666 voor de hervormde kerk in Heerlen en in 1667 voor de katholieke kerk in Klimmen. Volgens de registratie in Heerlen woonde Agnes op dat moment in Simpelveld en haar tweede man, Stephan Pelsers, in Ubachsberg.
Ik kwam er achter dat Stephan Pelsers, de 2e man van Agnes Bonten, een broer is van de grootmoeder van Antoon Bosch, Catharina Pelsers. En dat had dan weer als gevolg dat bij doop van Antoon Bosch senior, de vader van Antoon Bosch de bokkenrijder, deze Agnes Bonten als doopgetuige aanwezig was en zijn peettante werd.

Deze Antoon Bosch senior trouwde zoals eerder vermeld met Elisabeth Schepers. Dit echtpaar kreeg twaalf kinderen, negen jongens en drie meisjes, waarvan Antoon Bosch junior de jongste was. Het zesde kind was een zoon met de naam Theodorus Bosch, roepnaam Dirck, gedoopt op 9 oktober 1697 te Voerendaal. Dirck Bosch trouwde op zaterdag 18 maart 1724 met Odilia Moulen. Odilia was afkomstig uit Simpelveld, waar zij op 22 maart 1697 werd gedoopt als dochter van Joannes Moulen en Catharina Schlummers. Uit het huwelijk van Dirck en Odilia werden zeven kinderen geboren tussen 1724 en 1739. Rond 1745 overleed Dirck Bosch, precies tijdstip is niet bekend omdat toendertijd in Voerendaal de overlijdens en begrafenissen nog niet werden geregistreerd. Odilia Moulen hertrouwde vervolgens in 1746 met Johannes Janssen uit Voerendaal. Uit dit tweede huwelijk zijn geen kinderen bekend.
Eén van de kinderen van Dirck Bosch en Odilia Moulen was Maria Catharina Bosch, gedoopt te Voerendaal op 10 juni 1732. Op 17 augustus 1755 wordt in Afden (DE) bij Herzogenrath het huwelijk geregistreerd tussen een Henricus Baden en Maria Catharina Bosch:

Joannes Henricus Baden, gedoopt op 1 januari 1714 in hetzelfde Afden, was in 1747 al eens getrouwd met ene Gertrudis Hansen. Uit dit huwelijk zijn de dopen van twee kinderen geregistreerd; Maria Agnes (1748-1748) en Maria Elisabet Baden (1751). In 1751 overleed Gertrudis Hansen op 11 augustus, drie maanden na de bevalling van haar tweede kind.
Uit het huwelijk tussen Henricus Baden en Maria Catharina Bosch zijn de dopen van zes kinderen geregistreerd; vier dochters en twee zonen. Mijn grootmoeder aan vaders kant was een rechtstreekse afstammelinge van dochter Gertrudis Baden (1761-1836) uit dit huwelijk.
Henricus Baden zal medio 1775 zijn genoemd bij de verhoren van vermeende bokkenrijders die in Herzogenrath werden opgepakt en onder tortuur ondervraagd werden. Daarop is hij gearresteerd en naar alle waarschijnlijkheid heeft hij na foltering met duimschroeven en Spaanse laarzen bekend wat hem ten laste werd gelegd. Hierna is hij ter dood veroodeeld wegens lidmaatschap aan de ‘Goddeloze bende’ die later de Bokkenrijders werden genoemd. Van de processtukken en de verslagen van zijn verhoren is helaas niets bewaard gebleven. Het enige dat zeker is, is dat hij op 10 augustus 1775 aan de galg in Alsdorf is gestorven. Zijn vrouw Maria Catharina Bosch overleed enkele maanden later op 25 november 1775 in Alsdorf.
Kijken we nog eens naar de familie Bosch in haar geheel, dan zien we dat deze familie redelijk zwaar getroffen werd door de Bokkenrijdersprocessen. De volgende personen werden veroordeeld:
- 1. Antoon Bosch “De glaeser uit Heek” (*1709) – bij verstek verbannen
- 2. Gertruid Bosch (1743-1821) – verbannen
- 3. Antoon Bosch (1719-1776) – Dood door ophanging
- 4. Peter Bosch (ca. 1721-1775) – Dood door ophanging
- 5. Henricus Baden (1714-1775) – Dood door ophanging

Gelukkig kwam er medio 1777 een versoepeling in de vervolging van de vermeende leden van de bende en bleef de teller voor deze familie op vijf steken.