Lambertus Winthagen (ca 1575-1643)

Op zaterdag 18 April 1643 overleed Lambertus (van) Winthagen in Klimmen, hij was toen ongeveer 68 jaar oud. Zijn naam duikt op in een aanvraag voor een huwelijksdispensatie voor het huwelijk van Joannes Scheren (*1661) uit Nuth en Helena Cuppers (*1664) uit Eys. Bij het huwelijk van deze twee was er namelijk sprake van bloedverwantschap in de derde lijn, waardoor een katholiek huwelijk niet zonder meer was toegestaan. Op 11 juli 1689 stuurde Joannes Meijers, de pastoor van Voerendaal, daarom een dispensatie-aanvraag naar de bisschop van Roermond met de vraag om het huwelijk toch toe te staan. Bij deze aanvraag zat tevens een overzicht van de voorouders van bruid en bruidegom. Daaruit blijkt dat Joannes Scheren een nakomeling was van Lambertus (van) Winthagen en Helena Cuppers een nakomelinge van Catharina Winthagen. Deze Lambertus en Catharina waren broer en zus.

Dispensatie-aanvraag uit 1689
Begeleidende beschrijving v.d. verwantschap
Overzicht van de beschrijving van de verwantschap uit bovenstaande afbeelding:
3e graad: Lambertus Winthagen, getrouwd.3e graad: Catharina Winthagen, getrouwd met Andreas Lammen
2e graad: Judith Winthagen, getrouwd met Arnoldus Scheren2e graad: Margareta Laumen, gehuwd met Andreas Cupers
1e graad: Wilhelmus Scheren, getrouwd met Elisabetha Ubaghs1e graad: Baltazar Cupers, gehuwd met Anna Spick… (Anna Spijkers)
Bruidegom: Joannes Scherenbruid: Helena Cupers

In het overzicht staat waarschijnlijk een fout van de pastoor. Volgens meerdere doopaktes was Margaretha Laumen namelijk met Leonardus Cupers getrouwd, niet met een Andreas Cupers zoals hierboven aangegeven.

De toestemming voor het huwelijk is nog in hetzelfde jaar verleend door de bisschop, aangezien er tussen 1689 en 1708 te Voerendaal de dopen staan geregistreerd van negen kinderen van dit echtpaar. Eén van deze kinderen was Arnoldus Scheren (1702-1782), wiens dochter Helena Scheren later zou trouwen met Lucas Bonten, mijn directe voorouder.
De naam van Lambertus Winthagens vrouw heb ik nog nergens kunnen vinden. Waarschijnlijk was haar naam Elisabeth, want dat is de meisjesnaam die bij Lambertus’ kleinkinderen steeds bij het 1e of 2e kind van zijn kinderen wordt gegeven aan de meisjes.
De kinderen van Lambertus Winthagen en zijn vrouw werden geboren in Klimmen of Voerendaal tussen ca 1600 en 1619, waar zij dan ook gedoopt zouden moeten zijn. De doopregistraties van Klimmen beginnen echter pas in 1639, in Voerendaal gaan ze terug tot 1618. Hierdoor is er dus alleen van Judith onomstotelijk bewijs dat zij een dochter is van Lambertus, omdat de doopaktes van de andere kinderen er niet zijn.
In die tijd was het echter min of meer verplicht om de kinderen volgens een vast patroon een naam te geven. De eerstgeboren zoon kreeg de voornaam van de opa aan vaderskant, de eerstgeboren dochter werd vernoemd naar oma aan moederskant. De tweede zoon kreeg vervolgens de naam van de opa aan moederskant, de tweede dochter kreeg de naam van oma aan vaderskant. In sommige gevallen werd hiervan afgeweken. Wanneer de opa aan moederskant bijvoorbeeld een (veel) hogere sociale status had dan de opa aan vaderskant, kreeg de eerstgeborene de naam van opa aan moederskant. In dat geval werd dan de hele volgorde gespiegeld uitgevoerd. Dit zie je wel eens terug wanneer opa aan moederskant bijvoorbeeld schout of schepen van een plaats is en de opa aan vaderskant ‘maar’ een rijke boer of rijke koopman.
Een andere uitzondering op deze regels kwam voor wanneer een van de partners vroegtijdig kwam te overlijden en de achterblijvende partner hertrouwde. Kwamen uit dit tweede huwelijk kinderen voort, dan werd vaak het eerste kind vernoemd naar de overleden partner.
In 1646 en in 1649 worden in de St. Remigiuskerk van Klimmen de dopen geregistreerd van kinderen met de naam Lambertus Winthagen. Ouders zijn Servatius Winthagen en Maria Meijers in 1646, Lambertus Winthagen en Margaretha Moonen in 1649. In beide gevallen blijkt dit de oudste zoon van de ouders te zijn, waardoor er voorzichtig geconcludeerd kan worden dat Servatius en Lambertus zonen van Lambertus Winthagen zijn.
De vrouw van Servatius, Maria Meijers, treedt daarnaast op als doopgetuige bij de doop van Lambertus’ zoon Lambertus in 1649. Bij de doop van beide Lambertussen, zowel in 1646 als 1649, treedt Arnold Scheren als doopgetuige op. Dit is de echtgenoot van Judith Winthagen, de dochter van de Lambertus Winthagen die in 1643 overleden is. Dit maakt het extra aannemelijk dat Servatius en Lambertus broers van Judith, en dus zonen van Lambertus Winthagen zijn.
Andere namen die als doopgetuigen bij de kinderen van Judith, Lambertus en Servatius opduiken, zijn Wilhelmus Winthagen, Elisabeth Winthagen en Helena Winthagen. Vermoedelijk zijn ook dit drie kinderen van Lambertus Winthagen.

Ook Catharina Winthagen, die in de huwelijksdispensatie wordt genoemd, is overigens een directe voorouder van mij. Zowel via mijn vaderskant als via mijn moederskant. Mijn moeder is een directe afstammelinge van Catharina’s kleinzoon Nicolaus Cupers, geboren in Voerendaal in 1625. Mijn vader is een directe afstammeling van Catharina’s kleinzoon Balthasar Cupers, geboren in Voerendaal in 1629. Balthasar was de vader van Helena Cupers, die in de huwelijksdispensatie werd genoemd als toekomstige bruid van Joannes Scheren.

Of Lambertus en Catharina Winthagen verder nog broers of zussen hadden, is ook nog niet duidelijk. Hopelijk geven notariële aktes hier in de toekomst nog duidelijkheid over.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Content is protected !!
Scroll naar boven